Aan: Di Maestro

P1010011

Op de Kop van Jut, vrijdag 28 juli 2017

Laat ik beginnen met iets gezelligs, wat ik eergisteren fotografeerde in de „keuken“ van het uit 1632 daterende ‚Staten-College‘, waar in nu het Westfries Museum is gehuisvest, aan de Rode Steen 1, in Hoorn . . .  Kijk, in ‚t hoekje hangt zo’n archeologische vondst uit ‚t middeleeuwse verleden of nog daarvoor, wat aan de muur hangt te drogen . . . , op het schilderij . . . Ik wil er nog een keer naartoe, want ik kan alleen maar zeggen dat ik er geweest ben en heb genoten. „Wat doet ze?,“ vroeg Friet aan Di Maestro, de weledelgeleerde heer drs. Jean Hubert van Tongeren. „Maakt ze vis schoon?“ In ieder geval is ze al veel verder dan ik, want ik moet nog gaan afwassen. Kortom: de hele keuken is een grote, stinkende bende. Hendrikje heeft ‚t afvalemmertje op het balkon gezet, omdat er ’n wolk aan fruitvliegjes uit ‚t keukenkastje kwam . . .  Hij bemoeit zich overal mee. Ik zei: „Als de paling op is gooi ik alles weg . . . “  Ik had een roestige en verkalkte winkelwagen van de oever aan ‚t Westerlijk Marktkanaal naar de Rest Afvalbak gesleept, ’n dooie eend, de Dierenambulance gebeld, omdat er nog ’n eenden lijkje in ‚t Marktkanaal lag te stinken. Niemand die ’n veer in me reet steekt, want je bent nog last ook . . . Weiterlesen

Coen

Kan ik heel effe? Johan Fabricius geboren in 1899 schreef ‚De scheepsjongens van Bontekoe‘ wat in 1924 verscheen en over ‚t voormalige Nederlands-Indië gaat en met hem schreven nog heel, veel anderen over ‚t voormalige Nederlands-Indië . . .  Ik ben moe en morgen wil Hendrikje met me naar de Kaasmarkt in Alkmaar terwijl ik Coen nog niet eens achter me kiezen heb . . .  Wordt vervolgd: donderdag 27 juli 2017 Op de Kop van Jut, te Amsterdam-West P1000806Gewoon aan de dijk en omdat ‚t heel moeilijk was, om die molen mooi midden in dat open hek te krijgen. Ik zie hem niet meer als ik hem naar me toe trek . . .  Kijk, hier wilde ik „kamperen bij de boer“ . . .  Edam en Volendam is al bijna een stadje . . .  Ja, hoor . . .  Nog heel even en Purmerend, Ilpendam, Monnickendam met Zaandam wordt Gemeente Amsterdam en Amsterdam groeit vast aan Den Haag en Rotterdam . . .  Zo stom van mij, dat ik nu pas zie hoe mooi Holland is . . .  Wanneer gaat die Trut naast mij naar de Costa del Sol? Zonder bruine doos . . .  Nee, wil Ruud er niet meer bovenop . . .  Nergens mee bemoeien Friet!!! Laat lekker gaan!!! Van mij wil iedereen ‚t naadje van de kous weten, dat weer wel . . .  Maar, van een ander . . . , dat gaat mij geen moer aan . . .  Ze doen hun best maar, als ik haar bloemenweelde op d’r balkon maar niet hoef te verzorgen. Ze heeft twee dochters, toch . . .  Ben ik als ‚Mevrouw haars dienstbode‘ opeens wel goed genoeg?

Onderweg in Oosthuizen nog wat kersen, pruimen, tomaten bij die lieve jongen uit de Beemsterpolder gekocht. We reden parallel aan de A7 naar Hoorn . . .  En, ik wil aan Di Maestro, de weledelgeleerde heer drs. Jean Hubert van Tongeren een heel raar verhaal vertellen over dit schilderij, hieronder dus . . . , maar nu even niet . . .

En nog ’n paar . . . P1010017Nog eentje . . . P1010014Ik ga paling eten, oké . . .

Elfriede

Pierenmieren

P1000870Gelukkig! Di Maestro, de weledelgeleerde heer drs. Jean Hubert van Tongeren heeft al zes klantjes voor zijn Apostellezingen! P1000849De kop is eraf. Schrijvers en blogsters, zoals Friet vooral benne ‚out of the box‘, wanneer ze moeten beginnen . . .  Van ochtend zei zij tegen Monique, die blonde stoot naast haar op 386, dat ze bij de boer wilde kamperen . . .  „Wanneer gaan jullie weg?,“ vroeg ze onmiddellijk met zo’n grafstem. Wanneer gaan jullie weg? En, Mieppie dan? „Het grolse straatkatje van Hoorn zit nog in me camera . . . ,“ moesten Betty, Mara en Mia in Sylt weten.  Weiterlesen