IJzeren JAN

P1000882Op de Kop van Jut, dinsdag 25 juli 2017 

Ik citeer eerst maar wat van J.K.J. de Jonge, dan is de kop eraf letterlijk en figuurlijk. Hij stelt in zijn massieve bronnenstudie van de VOC dat de bewindhebbers en Coen „eigen naam en die der Nederlandsche natie in dat gedeelte van de Archipel met een schier onuitwisbare bloedvlek hebben beklad.“ Bron: De opkomst van het Nederlandsche gezag in Oost-Indië‘ in 14 delen (Den Haag 1862 1909) deel 4 (1869) p. LXI. Ik dacht laat ik rustig beginnen . . .  Jan Pietersz. Coen (1587 – 1629) was de grondlegger van Nederlandsch Oost-Indië en dan komen ze angekakt bij de Amsterdam Cultuur-Historische Vereniging met die Watjes uit Antwerpen en dan heb ik meteen René Valensa in me nek: „Hou je mond!!! Rustig! Rustig!!! Mevrouw, laat hem nou en blijf ’n klein beetje kalm.“ Ik was echt kwaad en schreeuwde in de Pause: „|PIET HEIN!!!! ZIJN NAAM IS KLEIN, MAAR ZIJN DADEN ZIJN GROOT! HIJ HEEFT GEWONNEN DE ZILVERVLOOT IDIOOT!“ Ik heb meteen ruzie met iedereen en het kan me géén reet schelen.

Coen schreef op 29 sept. 1618 in ’n brief: „. . . , dispereert niet . . . ,“ en wat denkt u? „Het staat nog steeds op zijn sokkel en ik kan niet beweren dat het ’n huistiran was, want hij was er nooit . . . “ „Nee,“ zei Friet, „hij was de icoon en dè koloniale pionier van Oost-Indië, de held van de Nederlandsche Natie, kortom door de bocht op hele grote en snelle wielen, zou de weledelgeleerde heer drs. Maarten ‚t Hart hebben gezegd of geschreven. En dan hebben we nog zo’n nestbevuiler: J.J. Slauerhoff had ‚t toneelstuk over Coen geschreven en vanaf de jaren 30 tot in de jaren zestig werd dit door de overheid onder het tapijt geschoven . . .  Wat ook steeds weer opnieuw en hardnekkig werd weggepoetst uit de geschiedenis, was het lijden en de schaamte van ‚t dienstmeisje Saartje Specx. Hij lijkt een beetje op de geschiedenis van Betje Wolff . . . Vreselijk! De batterijen van me toetsenbord houden er spontaan mee op . . .  Saartje stond, in de tuin van Coen, met een militair in ’n omhelzing of ze elkaar kusten, vertelt de geschiedenis niet en helemaal niet of die omhelzing gevolgen had na negen maanden. Maar, de Koopman Coen wilde haar onmiddellijk en meteen ter plekke in een ton verdrinken. Coen liet zich overhalen, om haar slechts . . . , alleen maar . . . , gewoon met ’n zware geseling te straffen . . .  Voor de jonge en onervaren vaandrig kende de koopman, diplomaat, wetgever, stedehouder en generaal Jan Pietersz. Coen geen pardon en Pieter Cortenhoeff werd onthoofd . . .  Wat een ellende . . .  Kan me voorstellen, dat in die tijd de mensen hartstikke gek werden . . .  Willem van Oranje was wat dat aangaat wel ’n frisse wind . . .  In de tijd van Coen was de Tachtigjarige Oorlog al volop aan de gang . . . 

Vrij vertaald in het huidige ABN schreef Coen en ik denk aan zijn vrouw: „. . . , wanhoop niet (desperatie = radeloos, hopeloos en wanhopig), ontziet uw vijanden niet, want God is met ons,“ dus . . .   Wordt vervolgd! Uit de ouwe mutsenclub: http://www.amsterdamhv.nl en voor Di Maestro, de weledelgeleerde heer drs. Jean Hubert van Tongeren > Elfriedefoto1

 

www.friedabblog.wordpress.com Leave a Reply

Trage deine Daten unten ein oder klicke ein Icon um dich einzuloggen:

WordPress.com-Logo

Du kommentierst mit Deinem WordPress.com-Konto. Abmelden /  Ändern )

Google Foto

Du kommentierst mit Deinem Google-Konto. Abmelden /  Ändern )

Twitter-Bild

Du kommentierst mit Deinem Twitter-Konto. Abmelden /  Ändern )

Facebook-Foto

Du kommentierst mit Deinem Facebook-Konto. Abmelden /  Ändern )

Verbinde mit %s